nov 222010
 

img_5805

The NeighbourHub is open… Samen met de eerste expositie en de cultuurscout van Delfshaven deden we de aftrap. Honderd blije mensen vulden de ruimte waar ik mijn hart ingestopt had… Kun je voorstellen dat ik zondagavond in de ban was van het mysterie “leven”?

jul 162010
 

img_4135

Elke donderdag (nou ja: bijna elke donderdag) is het bij mij de Zoete Inval: ik kook, vrienden komen langs. Voor mij is het een alternatief voor uit eten gaan. Sinds de late inzet van deze zinderde zomer vertoeven we dan op het dak. We laten ons verrassen door de composities van mensen, voertaal, assortiment drankjes en toetjes en door het aanzien van het firmament…

feb 022010
 

Wat ik merk in een leven zonder geld is dat ik me rijk voel door toegang.

Bij toegang dacht ik meestal aan zoiets als het cliché “toegang tot Internet”, en het thuis te hebben geeft mij inderdaad een groot gevoel van ruimte om te ontdekken, om mijn projecten te doen, om te communiceren. Toegang tot wetenschappelijke literatuur maakt dat ik consultancy kan blijven doen. Toegang tot mijn netwerk van vrienden (niet te koop en niet te ruil) hoef ik denk ik niet uit te leggen. Toegang tot een netwerk van slimme mensen die in mijn stad bezig zijn met duurzaamheid (via the Hub) geeft me moed en inspiratie. Maar nu voel ik me vrij en rijk door een veel concretere vorm van toegang – ik bedoel het heel fysiek: waar mag ik zijn, geld of geen geld. Buiten, binnen.

Ik heb: toegang tot mijn sportschool; toegang tot mijn tangoschool… Daar heen mogen gaan om te genieten. Er mogen zijn. Dat doet veel met me. De bieb: ook zonder abonnement mag je daar lekker zitten. En ik merkte medio januari dat ik één uitgave vergeten was in het rijtje van uitgaven die ik in 2010 bewust wèl doe: de Speeldernis voor Max. Voor 25 Euro hebben we een jaar lang de tuin van zijn dromen inclusief de nabijheid van speelkameraardje tot onze beschikking. De waarde daarvan overstijgt die 25 Euro ver. En toen ontdekte ik er nog één, nog een toegang die ik graag wilde hebben.

De laatste weken was ik – geheel serendipisch – vier of vijf keer op finissages en vernissages in galeries en musea. (Ik, cultuurbarbaar, zoende een fotograaf en liet me willig meevoeren in zijn wereld.) Maar wat ik ervoer was dat musea een waardevolle uitbreiding van mijn openbare ruimte werden. Een soort indoor parken: zoals ik me kan laven aan frisse lucht en bomen en grassprieten onder mijn voeten, merk ik dat ik me ook kan laven aan de creatieve expressie van andere mensen. Dat ik het heerlijk vind om rond te lopen in hun wondere wereld. Ik vroeg om een MuseumJaarKaart, en kreeg er twee.

Het museum Boijmans van Beuningen is op woensdag voor iedereen gratis toegankelijk.

Het museum Boijmans van Beuningen is op woensdag voor iedereen gratis toegankelijk.

Referentie:

In zijn boek “The Age of Access” (2000) beschrijft Jeremy Rifkin vooral het veronderstelde belang van toegang tot spullen en diensten. Dat soort toegang wordt zeker ook belangrijker in een leven zonder geld: als ik een boor nodig heb dan leen ik hem van de buurman, in plaats van zelf te kopen. Maar ik voel ook een contrast met hetgene hij beschrijft: het soort toegang dat ik hierboven beschrijf gaat meer over toegang tot ervaringen, meer of minder sociaal van aard, die maken dat ik me kan ontspannen en opladen.

jan 162010
 

“Kingsley’s Crossing”, relaas van een vluchteling uit Kameroen, in dia-vertoning opgetekend door fotojournalist Olivier Jobard.
Stuitende omwegen, al het spaargeld van zijn ouders en een paar hoogtegraden later komt hij – topografisch doel bereikt – tot een schrijnende conclusie.
Te zien in het Fotomuseum van Rotterdam.

http://www.nederlandsfotomuseum.nl/